Naar inhoud

Nalatenschap

Testament

Indien er een eigenhandig geschreven testament bestaat, doet u er goed aan een notaris te raadplegen om de inhoud te verduidelijken en de wettelijke formaliteiten te vervullen (neerlegging op de rechtbank van Eerste Aanleg). Indien er geen testament wordt gevonden, betekent dit niet dat er geen is. De notaris kan de nodige opsporingen doen via het Centraal Register der Testamenten (CRT).
Elke notaris is verplicht alle laatste wilsbeschikkingen die in zijn kantoor voorgelegd worden in een authentieke akte in het CRT te laten registreren. De notaris verstrekt meestal gratis inlichtingen.

Aangifte van nalatenschap

De nalatenschap of erfenis is het geheel wat iemand van een overledene erft, dus wat deze nalaat. De nalatenschap moet aangegeven worden binnen de 5 maanden na het overlijden. De aangifte gebeurt bij de Ontvanger der Registratie (Ministerie van financiën), van het kantoor van het gebied waar de overledene zijn of haar woonplaats had. Hier kan je het speciaal aangifteformulier verkrijgen of je kan het downloaden op de website van de Federale Overheidsdienst Financiën

De aangifte moet normaal door alle erfgenamen samen gebeuren maar in de praktijk wordt dit vaak overgelaten aan de notaris. Dit is echter niet goedkoop. Het ereloon van de notaris wordt immers berekend op het bruto-bedrag (schulden niet inbegrepen) van de nalatenschap en is vastgelegd per arrondissement.

Aanvaarden, verwerpen of aanvaarden onder bepaalde voorwaarden van de nalatenschap

Na het overlijden kunnen de erfgenamen de erfenis aanvaarden of verwerpen. In dit laatste geval is een verklaring vereist bij de griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg van de plaats waar de overledene woonde. Voor Puurs is dit de Rechtbank van Eerste Aanleg in Mechelen, Gerechtsgebouw, Keizerstraat 20, 2800 Mechelen, tel. 015 20 48 80.

Vrees je dat de erfenis misschien meer schulden dan baten omvat, dan kan je ze aanvaarden onder voorrecht van boedelbeschrijving. Er wordt dan een inventaris opgemaakt van alle bezittingen en schulden, zodat je met kennis van zaken kan beslissen. De aanvaarding onder voorrecht van boedelbeschrijving gebeurt eveneens door een eenzijdige verklaring bij de griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg van de woonplaats van de overledene.

Successierechten

Het successierecht is een belasting op erfenissen. Iedereen die uit het bezit van een overledene iets ontvangt, is successierechten verschuldigd op de waarde van het verkregen goed. De successierechten worden nog steeds geïnd door de federale belastingsadministratie. Het tarief varieert met het bedrag van het erfdeel en met de graad van verwantschap met de overledene. De successierechten moeten uiterlijk 2 maanden na het verstrijken van de indieningstermijn (dit is binnen de 7 maanden na het overlijden) betaald worden; zoniet is interest verschuldigd.

Vanaf 1 januari 2007 werd in het Vlaams Gewest de langstlevende partner vrijgesteld van successierechten op de gezinswoning. De afschaffing van de successierechten geldt zowel voor gehuwden als voor samenwonenden en ook voor broers en zussen die al drie jaar onder één dak wonen. 

In het geval van feitelijk samenwonenden moeten de partners wel drie jaar samengewoond hebben vóór het overlijden. Let op:
- Er mag tussen de samenwonenden geen verwantschap zijn in op- en neergaande lijn (kind-ouder-grootouder).
- Als de feitelijke samenwoning onderbroken wordt wegens overmacht (bv. noodzakelijke opname in een verzorgingstehuis), is dat geen reden om de vrijstelling te weigeren.
- Ook wanneer beide partners naar een rust- of verzorgingsinstelling of in een serviceflat gaan, kunnen ze nog altijd als samenwonend beschouwd worden, en kan de woning die ze ondertussen verlaten hebben, nog wél in aanmerking komen voor de vrijstelling.
- De vrijstelling geldt alleen voor de langstlevende partner en niet voor andere erfgenamen. De kinderen moeten dus nog altijd successierechten betalen op bijvoorbeeld de woning waarvan de overlevende ouder het vruchtgebruik krijgt.

De vrijstelling geldt alleen voor de gezinswoning, dus niet voor een eventueel tweede verblijf. De gezinswoning is de hoofdverblijfplaats waar de partners op het ogenblik van het overlijden samenleefden.

Erfrecht

Gehuwden
Als er kinderen zijn, erft de overlevende partner het vruchtgebruik van de volledige nalatenschap. Indien er geen kinderen zijn, krijgt de langstlevende echtgeno(o)t(e) de volle eigendom van de gemeenschappelijke goederen en het vruchtgebruik over de eigen goederen van de overledene.

Gehuwden kunnen elkaar bevoordelen met een huwelijkscontract, door giften tussen echtgenoten buiten het huwelijkscontract of bij testament. Als er kinderen zijn, wordt dit echter beperkt. Zo krijg je slechts de helft van de nalatenschap in volle eigendom als je één kind hebt. Zijn er 2 kinderen, dan wordt dat 1/3; bij 3 kinderen 1/4, enz… Over het deel van de kinderen heb je echter wel vruchtgebruik.

Ook wat de gezinswoning betreft, wordt de langstlevende echtgenoot wettelijk beschermd. Deze mag na het overlijden in het huis blijven wonen en gebruik maken van de volledige inboedel. Geen enkele erfgenaam kan hem of haar uit de woning zetten, zelfs als die woning de persoonlijke eigendom was van de overledene. Was de woning gemeenschappelijk bezit, dan krijgt de langstlevende echtgeno(o)t(e) de helft in volle eigendom en de andere helft in vruchtgebruik als er kinderen zijn. Dit vruchtgebruik kan enkel omgezet worden in volle eigendom indien dit persoonlijk wordt gewenst door de langstlevende, bijvoorbeeld door uitbetaling van een som geld, zodat men volle eigenaar wordt. Als er geen kinderen zijn, krijgt hij of zij de totaliteit in volle eigendom.

Samenwonenden
Samenwonenden konden elkaar vroeger enkel beschermen door een testament of schenking, wat een zeer dure aangelegenheid was. Sinds 1 januari 1998 hebben samenwonenden in Vlaanderen echter nieuwe mogelijkheden gekregen. Concreet betekent dit dat de langstlevende wettelijk samenwonende automatisch (dus er hoeft geen testament opgemaakt te worden) recht krijgt op het vruchtgebruik van de woning en van het daarin aanwezige huisraad.